De voortplanting met de zwermtijd

From knowledgebase
Revision as of 18:50, 4 March 2023 by Dirkjan (talk | contribs)
Jump to navigation Jump to search

De activiteiten die leiden tot voortplanting beginnen ongeveer zes weken na het begin van de voorjaarsontwikkeling met het bouwen en beleggen van grote cellen voor darrenbroed. Voorwaarde is wel dat het volk voldoende groot is. Het volk kweekt honderden darren op die later proberen te paren met jonge koninginnen uit andere volken wat maar een enkele dar zal lukken.

Door de groei en de voorraden stuifmeel en honing zijn er zo langzamerhand nog maar weinig lege cellen te vinden voor nog meer eitjes. De grens van de grootte van het broed nest en de groei is bereikt. Er hoeven steeds minder larfjes gevoed te worden en er zijn daardoor steeds minder werksters die zich daarmee uitputten. Ook als de imker op dit moment in de ontwikkeling extra raten zou geven, zal de koningin deze nauwelijks nog voorzien van eitjes omdat ze inmiddels door de werksters minder gevoed wordt en minder eitjes kan leggen. Ook heeft ze hierdoor gewicht verloren. Er komen steeds meer jonge bijen in het volk die geen broed verzorgen en daardoor wat langer levende bijen worden. Doordat het volk vol zit met bijen wordt de koninginnenstof moeilijker verspreid over de werksters en komen ze minder onder invloed van de koningin. De eerste tekenen daarvan zijn de speeldopjes die werksters aan het rand van het broed nest aanzetten, gevolgd door het verder uitbouwen van sommige speeldoppen tot zwermcellen. De bouw van de eerste speeldoppen gebeurt ongeveer drie weken na het beleggen van darrencellen. Als door slecht weer alle bijen thuis blijven bemoeilijkt dat de verspreiding van de koninginnenstof nog meer en is dat een extra stimulans om zwermcellen aan te gaan zetten. Gepoetste zwermcellen worden door de koningin belegd en de larfjes zullen tot nieuwe koninginnen opgekweekt worden. Speeldoppen

In een gebied met gelijke weers- en drachtomstandigheden zullen darren en jonge koninginnen uit alle bijenvolken in die omgeving ongeveer tegelijkertijd geslachtsrijp zijn. Er kan gepaard worden. Voordat het zover is komt in het volk het zwerm proces op gang waarbij het volk zich in delen opsplitst; voorzwerm, nazwerm(en), en in de kast achterblijvend volk. De eerste splitsing gebeurt zodra de eerste zwermcel sluit. Ongeveer de helft van de bijen vertrekt met de oude, afgeslankte koningin uit het volk in een zwerm. Deze zwerm wordt voorzwerm genoemd. ruimte