Ontstaan koningin, dar of werkbij
Jump to navigation
Jump to search
- De dar heeft 16 chromosomen
- De werkbij en koningin hebben er 32
- Voordat de koningin een eitje legt, meet ze de celgrootte met haar voorpoten.
- De celgrootte bepaalt of er een bevrucht of onbevrucht eitjes wordt gelegd.
- Grote cel -> Geen sperma -> Dar
- Kleine cel -> Wel sperma -> Kans op werkbij bij bevruchting.
- Veel voedsel (Koninginnengelei)? -> Kans op koningin
- Anders een werkbij